Biogarde, eierkoeken, kroketten, karbonade, kaasstengels, lekkerbekjes, kippenbouten, het komt allemaal uit de dierindustrie. In de dierindustrie worden dieren gebruikt voor voedsel van mensen. Het Westerse dieet kenmerkt zich door de grote hoeveelheden vlees, zuivel en eieren. De productie van dierlijk voedsel gaat gepaard met dierenleed.
Ei
Nederlanders eten gemiddeld 180 eieren per jaar [1]. Dit is niet alleen je gekookte en gebakken ei. In bijvoorbeeld koekjes, beschuiten of mayonaise zit vaak ook ei. Eieren komen uit een kip. Oorspronkelijk legt de kip maar twaalf eieren per jaar [2]. In de dierindustrie is dit aantal opgevoerd tot 320. Dit wordt gedaan door kippen door te fokken op economisch gunstige eigenschappen, waardoor zogenaamde legrassen zijn gecreëerd. Deze doorgefokte kippen worden aan het vermeerderingsbedrijf geleverd, waar ze bevruchte eieren moeten leggen. Op de broederij worden deze bevruchte eieren in een broedmachine uitgebroed. De kuikentjes worden vervolgens gesekst: de haantjes worden van de hennen gescheiden en vergast of vermalen. De haantjes zijn namelijk waardeloos voor de industrie. Ze leggen geen eieren en als vleeskip is het legras niet geschikt. De hennen zijn niet veel beter af. Ze worden in 17 weken op weer een ander bedrijf opgefokt tot leghen. Ze gaan dan naar het leghennenbedrijf. Daar zitten ze gevangen en worden gestimuleerd om zoveel mogelijk eieren te leggen. Na een dik jaar worden ze vermoord [3].
Kippenvlees
Voor kippenvlees worden kippen gefokt, opgesloten, vetgemest en dood gemaakt. In goedkope blikken kippensoep zitten afgemaakte leghennen. Voor een kippenboutje zijn kippen speciaal gefokt, op een manier vergelijkbaar met de ei-industrie. Je hebt bedrijven waar kippen worden geselecteerd en doorgefokt op vleesopbrengst. Op vermeerderingsbedrijven leggen kippen van deze rassen eieren, die in de broederij worden uitgebroed in een machine. In de kippenvleesindustrie gaan de kuikens dan niet naar een opfokbedrijf, maar direct naar de vleeskuikenhouder. De vleeskuikenhouder gebruikt allerlei kunstgrepen om het kuiken zo snel mogelijk te laten groeien. Hierdoor heeft het kuiken na zes weken al een gewicht van 2 tot 2,5 kilo. De dieren zakken door hun snelle groei door hun eigen poten. Ook zijn hun organen niet gebouwd op de enorme gewichtstoename en begeven het. Minimaal een op de twintig dieren sterft nog voordat ze zes weken oud zijn. De kuikens die niet dood gaan worden in het slachthuis met hun poten aan een haak gehangen. Terwijl ze nog leven en vaak nog alles voelen [4] wordt hun halsslagader machinaal doorgesneden. Het kuiken bloedt dood.
Varkensvlees
In Nederland leven 11 miljoen varkens. Varkens worden in hoofdzaak vetgemest voor hun vlees. Daarnaast wordt varkensvet gebruikt om hulpstoffen te fabriceren, zoals mono- en digliceriden van vetzuren (E471 en E472). Deze worden gebruikt om bijvoorbeeld brood zacht te houden. Ook worden kwasten vaak gemaakt van varkenshaar en gelatine van varkensbotten. De Europese varkenshouderijen zijn sterk geïndustraliseerd. Op de fokkerijorganisatie worden met verschillende varkensrassen zeugen gefokt met economisch gunstige dieren te creëren. Zeugen met hoge vruchtbaarheid en veel biggen per worp worden gekruist met beren die snel groeien, veel bevleesdheid hebben en weinig eten. Er wordt niet gelet op de gevolgen voor de gezondheid van het dier. Via het subfokbedrijf gaan de zeugen naar het vermeerderingsbedrijf. Daar worden de biggen geboren, die opgegeten zullen worden. Vlak na hun geboorte worden hun staarten afgeknipt. De dieren zitten namelijk zo dicht opelkaar dat ze elkaars staarten gaan afbijten uit verveling. Bovendien knipt de varkensboer de balzak van beren af. Alle biggen worden na vier weken van hun moeder gescheiden en na tien weken naar het vleesvarkenbedrijf (mesterij) gebracht. Hier groeit het varken in zo’n drie maanden van 25 tot 115 kilo. Dat wil zeggen, als deze de honderd dagen haalt, 13 tot 20 procent gaat voortijdig dood.
Melk
In Nederland wordt veel melk gedronken. In 2004 werd tien miljard liter melk geleverd aan de melkfabrieken. Door bewerkingen in de fabriek wordt het vetpercentage, houdbaarheid en zelfs smaak aangepast. Ook melkproducten, zoals yoghurt, vla, kaas en boter worden veel gegeten. Daarnaast zit melk door veel koeken, sausen, zoetigheid en zelfs sommige chips. Melk komt van een koe. Net als mensen maakt een koe pas melk als ze is bevallen. Daarom moet een melkkoe ieder jaar een kalf krijgen. Het kalf wordt apart gehouden van de moederkoe. Als het kalf een koe is, wordt het ook een melkkoe. Stierkalfjes worden vetgemest en afgemaakt in de vleesindustrie. De Nederlandse koe is doorgefokt op melkproductie. In de jaren vijftig werd uit een koe nog 11liter melk per dag gemolken. Momenteel kan uit een koe wel 25liter dagelijks worden gezogen. Dit doorfokken heeft de koe vatbaar gemaakt voor veel ziektes en gebreken. Kenmerkend is dat koeien last hebben van hun uiers. De uiers zijn zo zwaar en groot, dat deze tegen hun achterpoten aanschuren. Ook scheurt hun huid soms door het gewicht. Door het intensieve melken gaan de tepels vaak ontsteken. In de bio-industrie wordt dit met antibiotica tegen gegaan. In de biologische industrie mag dat niet. In beide gevallen resulteert de ontsteking aan de tepels in pusvorming. In een liter melk zit daardoor gemiddeld een vingerhoedje pus. Voor kaas worden koeien niet alleen gemolken, maar ook vermoord. Om het kaas te laten stremmen, wordt gebruikt gemaakt van stremsel uit de maag van kalveren. Er bestaat ook vegetarisch stremsel van een genetisch gemanipuleerde bacterie. In Duitsland zijn veel consumenten echter tegen genetische manipulatie en veel kaas wordt naar Duitsland geëxporteerd. Daarom is de meeste kaas niet vegetarisch. Koeien worden vijf jaar uitgemolken en dan afgedaan omdat de melkproductie afneemt. Ze worden afgemaakt en belanden in frikadellen, kroketten en worsten.
Rundvlees
Rundvlees herken je aan de rode kleur. Dit is de kleur van bloed. Voor rundvlees worden dieren apart gefokt. Melkkoeien zijn juist gefokt op weinig spierweefsel. Melkkoeien bewegen daarbij relatief veel. Dit zorgt voor veel pezen, taaie stukken in het vlees. Om vlees mals te houden, moeten dieren niet al te veel bewegen. Daarom worden ze opgesloten. Ook is het vlees van jonge dieren malser dan van oudere dieren. Voor rundvlees houden boeren koeien met een genetische afwijking, zogenaamde dikbillen. Deze dieren hebben ontzettend veel spierweefsel en kunnen daardoor niet meer natuurlijk bevallen. De kalfjes komen altijd met een keizersnede ter wereld. De dikbil moederkoe zie je soms buiten in de wei staan. Het enorme rode litteken van de bevallingen, is duidelijk te zien op de witte huid. Haar kinderen worden met krachtvoer vetgemest en daarna vermoord. Rundvlees komt ook van een aantal andere doorgefokte koeien.
Vis
Hoewel het vlees van varkens of runderen niet meer doet denken aan een dier, liggen vaak hele vissen, met kop en al, te koop op de markt of de visboer. Zalm, haring, baars, kabeljauw en paling wordt massaal gegeten in Nederland. Het zogenaamde Lekkerbekje wordt tegenwoordig gemaakt van de zeer bedreigde soorten heek en wijting. Naast vis, verkoopt de visboer ook kreeft, krab, inktvis, garnalen, oesters en mosselen. Visolie en vismeel worden gebruikt voor menselijke consumptie, maar ook verwerkt als voer voor andere dieren, zoals koeien of varkens. Vissen worden uit de zee of uit meren gevangen met tonnen tegelijk. De visschepen hebben sonarsystemen om scholen vis te localiseren en te vangen. Door massale visvangst is bijvoorbeeld de paling tegenwoordig een bedreigde vissoort [5]. Vissen worden ook gefokt, zoals zalmen in kooien in de zee. Ook bestaat er een intensieve visteelt, waarin bijvoorbeeld palingen in bassins worden gefokt. De dieren krioelen over elkaar heen in een klein laagje water. Zuurstof en voedsel wordt kunstmatig aan het water toegevoegd. Binnen de wetenschap is men er algemeen van overtuigd dat vissen als hoog ontwikkelde gewervelde dieren pijn en stress kunnen ervaren [6]. Vissen worden met netten uit het water gehaald, waarna ze langzaam stikken. Het kan wel tot maarliefst 4 uur duren voordat de vis dood is. Ook worden vissen wel gestroopt, in hun nek gesneden of in een zoutbad gegooid.
Diervriendelijk eten
Diervriendelijk eten is diervrij eten.Voor alle dierlijke producten worden dieren opgesloten en vermoord. Het is niet in het belang van dieren om gebruikt te worden door mensen. Ook biologische zuivel, eieren of vlees is niet diervriendelijk, hoogstens minder onvriendelijk. Een volwaardig dieet hoeft geen dierlijke producten te bevatten en kan bovendien erg lekker zijn.
Bronnen:
[1] www.hetkleineloo.nl
[2] http://nl.wikipedia.org/wiki/Kip_(vogel)#Voortplanting : Men denkt dat de kip afstamt van de wilde Gallus gallus, het Bankivahoen, ook wel het Rode Boshoen genoemd. (...) Het hoen legt zo'n twaalf eieren per jaar.
[3] www.blijmeteenei.nl
[4] http://dissertations.ub.rug.nl/FILES/faculties/medicine/2001/b.savenije/... Bij toepassing van de veelgebruikte waterbadverdover kon een effectieve verdoving gegarandeerd worden mits de spanning tenminste 150 Volt (150 mA per dier) bedraagt. Op basis van de hier beschreven metingen kon deze garantie niet gegeven worden bij gebruik van de ondergrens van 100 mA die de Nederlandse en Europese wetgeving voorschrijft, respectievelijk aanbeveelt.
[5] http://nl.wikipedia.org/wiki/Vissen_(dieren)#Consumptie
[6] F.J. Verheijen en R.J.A. Buwalda in "Doen pijn en angst een gehaakte en gedrilde karper lijden?" constateren "angst van enige omvang' (33) en dat de vis bepaalde prikkels als 'onaangenaam (pijnlijk) ervaart' (34).